Technische omschrijving

Algemene voorschriften

  1. Algemene bepalingen voor het uitvoeren van bouwwerken (UAV 2012)
  2. De op de bouwmaterialen betrekking hebbende kwaliteitsverklaringen
  3. Het bouwbesluit en de modelbouwverordening
  4. De bepalingen van woning garantiefonds
  5. De gewapend beton voorschriften
  6. De voorschriften van de nutsbedrijven
  7. De gemeentelijke verordeningen
  8. De bepalingen van de arbeidsinspectie
  9. Ongeacht hetgeen in de technische omschrijving is bepaald, geldt onverkort de door woning garantiefonds gehanteerde en voorgeschreven regelingen, reglementen en standaardvoorwaarden. Ingeval enige bepaling in deze technische omschrijving daarmee onverenigbaar mocht zijn c.q. nadeliger mocht zijn voor de verkrijger, prevaleren steeds de bovengenoemde bepalingen van het woning garantiefonds.

Energieprestatie

  1. De woning is voorzien van energielabel A+

Peil en uitzetten

  1. Als peil wordt aangehouden de bovenkant van de afgewerkte begane grondvloer ter plaatse van de entreehal.

Grondwerk

Ontgraving

  1. Het terrein onder de woningen en bergingen wordt ontgraven tot onderkant fundering.
  2. Voor de riolering, kabels, leidingen en bestrating worden eveneens de nodige graafwerkzaamheden verricht.

Aanvullingen

  1. Tussen de funderingen wordt uitgekomen grond aangebracht.
  2. De sleuven voor kabels, leidingen en riolering worden aangevuld met uitgekomen grond.
  3. Onder de bestrating van de achterpaden wordt een laag schoonzand aangebracht.
  4. De tuinen worden tot ca. 100 mm onder peil aangevuld met uitkomende grond.
  5. De tuinen worden wel geëgaliseerd maar niet gespit of geploegd opgeleverd.
  6. Onder de rioleringen wordt een laag geëgaliseerd en verdicht zand van 10cm aangebracht.

Rioleringswerken

Riolering

  1. De buitenriolering wordt uitgevoerd volgens voorschriften en aanwijzingen van de gemeente tot aan het gemeenteriool.
  2. In het kader van duurzaam waterbeheer wordt het hemel- en vuilwater van de woningen afgevoerd via een gescheiden rioolsysteem.
  3. De buiten- en binnen rioleringen worden uitgevoerd in Pvc-buizen, van voldoende diameter voorzien van KOMO-keur.
  4. De hemelwaterafvoeren worden uitgevoerd in wit PVC.
  5. De sanitaire toestellen, afvoer c.v.-ketel en wasmachine worden aangesloten op de binnen riolering van de woning. ( de afvoer ter plaatse van de keukeninrichting wordt boven de vloer afgedopt )
  6. Het rioleringsstelsel wordt voorzien van de noodzakelijke hulp-, ontstopping-, verloop-, aansluit-, en expansiestukken alsmede de noodzakelijke sifons en ontluchtingen.

Bestratingen

  1. Naar de entree van de woning wordt een pad aangelegd van betontegels 60x40cm.
  2. Bij de patiowoningen wordt ter plaatse van een opstelplaats voor voertuigen verharding aangebracht conform opgave landschapsarchitect.
  3. Ter plaatse van de voorgevel van de eengezins- en patiowoning wordt een strook verharding aangebracht conform opgave landschapsarchitect.
  4. Er worden geen terrastegels aangelegd t.p.v. de achtergevel.
  5. Er wordt een pad naar de berging aangelegd van betontegels, grootte 40x60cm

Terreininventaris

  1. De onderlinge perceelgrenzen van de eengezins- en patiowoningen worden met piketpaaltjes aangegeven op de hoekpunten. De perceelsgrenzen met het openbaar gebied worden voorzien van perceelafscheiding in de vorm van beukenhagen en gecoat staaldraadmat hekwerk voorzien van hedera. Deze perceelafscheidingen wordt op het het perceel geplaatst.
  2. Bestaande erfafscheidingen bij de patiowoningen en Noord-oostelijk parkeerterrein worden gehandhaafd.
  3. De perceelgrenzen van de starterwoningen worden voorzien van beukenhagen
  4. Er worden geen terrasafscheiding tussen de woningen onderling aangebracht.

Fundering

  1. Aan de hand van de resultaten van de uitgevoerde sonderingen wordt een fundatie van beton toegepast.
  2. De funderingsbalken worden uitgevoerd in gewapend beton.

Vloeren

  1. De begane grondvloer (Rc>3.5 m² K/W)en de verdiepingsvloeren van de woningen worden uitgevoerd als betonvloer.

Gevels

  1. Het gevelmetselwerk van de woningen wordt uitgevoerd volgens bemonstering.
  2. Het gevelmetselwerk wordt gevoegd conform een door de architect goed te keuren proefmuur.
  3. Sommige gevels of delen hiervan worden gekeimd in een kleur conform opgave architect. Het aanbrengen is weersafhankelijk en kan op een later tijdstip dan de oplevering worden uitgevoerd.
  4. De gevels van de woningen worden geïsoleerd uitgevoerd.
  5. In het metselwerk worden de nodige dilatatievoegen aangebracht, volgens aanwijzing van de constructeur.

 Daken

  1. De constructie van de hellende daken is als volgt samengesteld:
    • Een geprefabriceerde geïsoleerde kapconstructie. De dak elementen hebben in zicht een geplastificeerde basisplaat op houtspaander en worden aangebracht compleet met verankeringen, muurplaten, oplegregels, tengels en panlatten. Aan de binnenzijde worden waar nodig dragende knieschotten aangebracht, afgewerkt met de geplastificeerde basisplaat.
    • Op de schuine daken worden keramische dakpannen aangebracht, kleur en type volgens monster.
    • De pannendaken zijn voorzien van een ventilerende nok- en gootconstructie.
  2. Platte daken zijn geïsoleerd en voorzien van een bitumineuze dakbedekking inclusief daktrimafwerking, gepoedercoat in kleur volgens opgave architect.
  3. Daar waar op tekening aangegeven worden in de hellende daken tuimeldakramen en of 4 pans dakramen geplaatst.
  4. Aan de voet van de hellende daken wordt een goot geplaatst. Afmetingen en kleur volgens opgave architect.

Wanden

  1. De woningscheidende wanden zijn van kalkzandsteenelementen in ankerloze uitvoering, of gelijkwaardig.
  2. De binnenspouwbladen van de kop- en langs gevels, evenals de dragende binnenwanden worden uitgevoerd in kalkzandsteen elementen, dikte volgens berekening constructeur, en worden waar nodig voorzien van dilatatievoegen
  3. De lichte scheidingswanden in de woning worden opgebouwd uit gasbetonpanelen of gips.

Kozijnen, ramen, deuren en luiken

Buitenkozijnen, -ramen, –deuren en luiken

  1. De buitenkozijnen, –ramen en luiken worden uitgevoerd in hardhout.
  2. Buitenkozijnen, waar deze aansluiten op het maaiveld, zijn voorzien van een kunststenen onderdorpel.
  3. De voordeur is een geïsoleerde houten deur met glasopening en houtaccenten volgens tekening.
  4. De luiken worden uitgevoerd volgens het louvre systeem.
  5. In de sponningen van draaibare delen zijn tocht- en aansluitprofielen aangebracht.

Binnen kozijnen en –deuren

  1. De binnen kozijnen zijn van plaatstaal en fabrieksmatig afgelakt. De kozijnen worden uitgevoerd met een bovenlicht. In het kozijn van de meterkast wordt in het bovenlicht een lak board paneel aangebracht, in de overige kozijnen enkel glas.
  2. De binnendeuren zijn fabrieksmatig afgelakte opdekdeuren.
  3. Ter plaatse van de binnendeuren (met uitzondering van de deuren in toilet en badkamer) worden geen dorpels aangebracht.
  4. De kozijnen en deuren zijn in een kleur volgens monster.

Hang- en sluitwerk

  1. Alle bereikbare gevelkozijnen, buitendeuren en bewegende delen zijn voorzien van deugdelijk, inbraakpreventief hang- en sluitwerk, conform SKG ‘weerstandsklasse 2’.
  2. De buitendeuren van de woning zijn voorzien van een meerpuntsluiting.
  3. De ramen worden uitgevoerd conform tekening in een val-, draai-, of een draai-kiepsysteem met meerpuntsluiting.
  4. De binnendeuren in de woningen zijn voorzien van het nodige hang- en sluitwerk van solide kwaliteit, in licht metalen uitvoering. De badkamer- en toiletdeuren hebben een vrij/bezet sluiting.
    De binnendeuren worden standaard voorzien van sloten.
  5. Cilinders in de sloten van de buitendeuren van de woning en externe berging worden gelijksluitend uitgevoerd.

Trappen en aftimmerwerk

Trappen

  1. De trappen in de woning zijn van vurenhout. De trap van de eengezins- en patiowoning van de begane grond naar de 1e verdieping heeft een zogenaamde gesloten uitvoering.  Alle overige trappen worden in een zogenaamde open uitvoering voorzien.
  2. Langs de trappen worden aan de muurzijde een mahonie houten muurleuning aangebracht op metalen leuningdragers.
  3. Langs de trapgaten worden vurenhouten traphekken met ronde spijlen en bovenregel gemonteerd.
  4. Rondom de trapgaten, ter hoogte van de verdiepingsvloeren, wordt een houten aftimmering aangebracht.

Timmerwerken

  1. Daar waar van toepassing worden dakoverstekken en boeiboorden worden bekleed met garantie multiplex.
  2. De standleidingen worden waar nodig afgetimmerd, behoudens ter plaatse van de zolder.
  3. De trapbomen worden langs de muurzijde afgetimmerd.
  4. In het bovenlicht van de meterkast wordt een lakboardpaneel aangebracht.
  5. Er worden geen plinten en stofdorpels in de woning aangebracht.

Metaalwerken

  1. Bij de voordeur wordt een huisnummerbordje volgens bemonstering geplaatst.
  2. Daar waar benodigd worden stalen lateien in de gevel opgenomen ter opvang van het metselwerk.
  3. De balustrade t.p.v. het franse balkon van de starterswoning zal worden uitgevoerd in gepoedercoat staal conform opgave architect.

Vloer-, wand- en plafondafwerkingen

Vloerafwerking

  1. De niet betegelde vloeren in de woning worden afgewerkt met een cement dekvloer.
  2. Achter de knieschotten wordt geen cement dekvloer aangebracht.

Wandafwerking

  1. Boven het wand tegelwerk in de toiletruimte wordt wit spuitwerk, of stucwerk met wit structuurwerk aangebracht.
  2. De binnenwanden, anders dan geplastificeerde dakplaten, in de woning worden behang klaar opgeleverd, d.w.z. niet behangen en geschilderd.
  3. De wanden van de meterkast en de zolderruimte verkrijgen geen nadere afwerking.

Plafondafwerkingen

  1. Op de betonplafonds, m.u.v. de meterkast, wordt wit spuitwerk of stucwerk met wit structuurwerk aangebracht.
  2. De V-naden aan de onderzijde van de betonvloeren c.q. plafonds van onderliggende ruimten blijven bij spuitwerk in het zicht.

Tegelwerken, vensterbanken, dorpels en luifels

Tegelwerken

  1. De vloeren van de toiletruimte en de badkamer worden voorzien van vloertegels volgens bemonstering.
  2. De wanden van toiletruimte worden tot ca. 1500 mm hoogte betegelt en van de badkamer tot aan het plafond.
  3. Vloer- en wandtegels worden niet strokend aangebracht.
  4. De inwendige hoeken in het tegelwerk op de vloeren en wanden en aansluitingen op kozijnen worden van kitvoegen voorzien. De uitwendige hoeken in het tegelwerk worden voorzien van een kunststof afwerkingsprofiel.
  5. Wanden ter plaatse van de keukenopstelling worden niet betegeld.
  6. Neggekanten en vensterbanken worden mee getegeld indien er een kozijn in de badkamer of toiletruimte aanwezig is.
  7. De vloertegels ter plaatse van de douchehoek worden op afschot naar het doucheputje aangebracht. Het gehele keuze pakket in kleur en afmeting van de wand- en vloertegels zijn in de showroom te bezichtigen.

Vensterbanken en dorpels

  1. Onder de buitenkozijnen die aansluiten op het maaiveld worden prefab betonnen dorpels aangebracht.
  2. Onder buitenkozijnen in het gevelmetselwerk worden prefab betonnen waterslagen aangebracht.
  3. Onder de deuren van toilet en badkamer worden kunststenen dorpels toegepast.
  4. Voor zover buitenkozijnen in wandtegelwerk gesitueerd zijn, worden de vensterbanken in tegelwerk uitgevoerd.
  5. Op steenachtige borstweringen worden lichtkleurige composietsteen vensterbanken aangebracht.

Luifels

  1. T.p.v. de entrees starterwoningen wordt een prefab betonnen luifel aangebracht.

Keukeninrichting

  1. Standaard wordt er geen keukeninrichting geleverd. De keukenopstelling als op tekening aangegeven is ter indicatie en geeft de aansluitpunten voor de installaties weer. De gas-, water- en rioleringaansluitingen worden afgedopt geleverd.
  2. De maatvoering van de keuken is indicatief; definitieve maten dienen in het werk te worden bepaald.
  3. De door derden te plaatsen keukeninrichting kan alleen na oplevering worden aangebracht.

Beglazing en schilderwerk

Beglazing

  1. Isolerende HR++ beglazing wordt toegepast in alle buitenkozijnen, -ramen en –deuren van de woningen.
  2. In de bovenlichten van de binnendeurkozijnen m.u.v. en meterkast wordt enkel glas aangebracht.
  3. Standaard wordt er geen letselwerende beglazing in de woning opgenomen.

Schilderwerken

  1. Het buitenschilderwerk van de houten kozijnen, ramen en deuren wordt volgens kleurschema van de architect uitgevoerd
  2. Het buitenschilderwerk bestaat uit een fabrieksmatig aangebrachte grondlaag, waarna één keer dekkend geschilderd op de bouw(high-solid).
  3. Voor het schilderwerk aan de binnenzijde wordt een water gedragen systeem toegepast.
  4. De trappen, traphekken en trapgataftimmeringen worden in het werk afgeschilderd, m.u.v. de traptreden, deze zijn fabrieksmatig gegrond.
  5. De trapleuning wordt transparant gelakt.

Water en Gas installatie

Waterleidingen

  1. De koudwaterleiding wordt aangelegd vanaf de individuele watermeter, geplaatst in de meterkast. De waterleiding is afsluit- en aftapbaar.
  2. Het toilet, de fontein, de mengkranen voor bad, douche en wastafel, de wasmachine, de vaatwasser (afgedopt) en de vulkraan voor de c.v.-ketel worden aangesloten op de koudwaterleiding.
  3. De mengkranen en de afgedopte aansluiting in de keuken worden tevens aangesloten op de warmwaterleiding.

Warmwatertoestellen

  1. De warmwatervoorziening vindt plaats door middel van een HR-ketel.

Gasleidingen

  1. Vanaf de meterkast wordt de gasleiding aangebracht en aangesloten op de HR-ketel en naar de opstelplaats van het kooktoestel in de keuken (afgedopt).

Sanitair

  1. Het sanitair wordt geleverd in de kleur wit; Sphinx 300 serie
  2. Het sanitair wordt geleverd en aangesloten geheel compleet met de nodige kranen.
  3. Closetcombinatie bestaat uit:
    - Sphinx 300 Wandcloset/d 22 Wit
    - Sphinx 300 closetzitting M/d Wit New
    - Gesa Closetrolhouder 5146
  4. Fonteincombinatie bestaat uit:
    - Sphinx 300 Fontein 36 Wit
    - Grohe Costa-1 Toiletkraan laag
    - Spiegel rond 30cm
    - Verchroomde bekersifon en muurbuis
  5. Wastafelcombinatie bestaat uit:
    - Sphinx 300 wastafel 60 Wit
    - Verchroomde bekersifon met muurbuis
    - Grohe Costa-1 wastafelmengkraan
    - Spiegel afm. 57x40cm
  6. Douchecombinatie bestaat uit:
    - Betegelde douchebak op afschot naar een rvs douchput.
    - Grohe Costa-1 douchemengkraan met douchekop op glijstang
  7. Ter plaatse van de wasmachine opstelling wordt een tapkraan en een witte kunststof sifon aangebracht.

Verwarmingsinstalatie

  1. De berekening van de capaciteit is overeenkomstig de NEN- en ISSO normen.
  2. De warmtelevering vindt plaats via een gasgestookte HR combiketel tapwaterklasse CW4.
  3. Woning is voorzien van een laag temperatuur vloerverwarming systeem aangebracht in de dekvloeren van de begane grond. De verdiepingen en zolderruimtes van de eengezins- en patiowoningen worden verwarmd d.m.v. radiatoren. Daar waar eventuele verdelers ten behoeve van het leidingnet in het zicht in de verblijfsruimten geplaatst worden, worden deze voorzien van een omkasting.
  4. Maximale warmteweerstand van de vloerafwerking t.p.v. vloerverwarming (afwerkpakket koper) is 0.15 m² K/W.
  5. Badruimte wordt extra verwarmd middels een  radiator.
  6. De temperatuurregeling vindt plaats door middel van een thermostaat in de woonkamer.
  7. Bij gelijktijdige verwarming van alle vertrekken en bij gesloten ramen en deuren, voor zover in de volgende ruimten vloerverwarming is geplaatst, worden de volgende temperaturen gegarandeerd bij een windsnelheid van 5 meter per seconde en een buitentemperatuur van -8 graden Celsius:
    Hal 15?C
    Toiletruimte 15?C
    Woonkamer 20?C
    Keuken 20?C
    Slaapkamers 20?C
    Badkamer 22?C
    Zolder 15?C

Ventilatievoorzieningen

  1. De woning wordt voorzien van een ventilatiesysteem
  2. Boven de buitengevelkozijnen en/of op de glasvlakken, worden daar waar nodig zelfregulerende ventilatieroosters aangebracht.
  3. De afzuiging van de keukenruimte, de badkamers en de toiletruimten vindt plaats d.m.v. mechanische ventilatie.
  4. De afzuigkap van het kooktoestel wordt niet aangesloten op het centraal afzuigsysteem. De onttrokken lucht wordt direct naar buiten afgevoerd.
  5. Vanaf de ventilator worden stalen kanalen, incl. hulpstukken gemonteerd (waar mogelijk in de vloeren gestort) met op de inlaatopeningen rozetten in de kleur wit.

Elektrische installatie

Laagspanningsinstallatie

  1. Het aanleg- en aansluitkosten en de kosten van gebruik van elektra tot het moment van oplevering van de elektrische installatie zijn in de aanneemsom begrepen.
  2. De elektrische installatie wordt aangelegd vanuit de meterkast, verdeeld over voldoende groepen naar de diverse aansluitpunten, volgens voorschriften van het leverend elektriciteitsbedrijf en de NEN 1010.
  3. De aansluitpunten per vertrek zijn op tekening aangegeven.
  4. Aan de buitengevel nabij de voordeur en achterdeur is een aansluitpunt voorzien. Aan de voorzijde wordt tevens een armatuur conform opgave architect voorzien.
  5. De schakelaars en wandcontactdozen zijn van het type inbouw. ( type opbouw wordt toegepast in de meterkast, de zolder en externe berging)
  6. De hoogte van het schakelmateriaal t.o.v. de afgewerkte vloer is:
    - Schakelaars + 1050 mm
    - Wandcontactdozen
       + 300 mm in de woonkamer en slaapkamers
       + 1200 mm in berging en wandcontactdoos wasmachine
    - Wandcontactdozen in keuken
       boven het aanrechtblad en op diverse hoogtes t.b.v. apparatuur
    - Cai en telefoon
      + 300 mm
    Wandlichtpunt badkamer
      + 2200 mm
  7. Voor het schakelen van de mechanische ventilatie wordt een schakelaar aangebracht bij de thermostaat in de woonkamer.
  8. Waar op tekening is aangegeven worden optische rookmelders aangebracht die aangesloten worden op het lichtnet, aantal en plaats als op tekening is aangegeven en volgens voorschriften.

 Zwakstroominstallatie

  1. De woningen zijn voorzien van een belinstallatie bestaande uit een drukknop, elektrische bel en transformator (in de meterkast).

Telecommunicatie/ CAI

  1. Het signaal overdrachtspunt voor telefoon en centrale antenne wordt geplaatst in de meterkast.
  2. In de woonkamer is de aansluiting t.b.v. de telefoon/internet en centrale antenne bedraad.
  3. In de hoofdslaapkamer wordt één onbedrade buisleiding gelegd t.b.v. telefoon/internet/televisie.

Berging

  1. De bergingen van de eengezins- en patiowoningen worden uitgevoerd in hout o.b.v. een geprefabriceerd systeem voorzien van betontegels als vloerafwerking.
  2. De bergingen van de starterwoningen hebben een wandopbouw van halfsteens metselwerk.
    E.e.a. overeenkomstig de tekening van de architect.

Voorbehoud

Aan de Artist Impressie, de inrichtingssuggesties van de woning inclusief tuinen met hagen en hekwerken, daar kunnen geen rechten aan worden ontleend.

De op tekening ingeschreven maten zijn circa-maten.